Glij niet uit op het glibberige pad van de Nederlandse taal

Een van de steeds terugkerende onderdelen van het tv-programma Kanniewaarzijn, is de rubriek met taalfouten of soms taaldubbelzinnigheden. Kijkers sturen foto’s van door hen opgemerkte onjuistheden naar de redactie van het programma.

Op het moment dat de kijker zo’n vergissing op het scherm voorbij ziet komen, denkt-ie waarschijnlijk “wat stom, dat zou mij niet overkomen!”. Maar als dat waar zou zijn, waarom zien we dan zoveel vergissingen op tv, in bladen, kranten en folders en vooral op het internet?

Het dialect; voor- of nadeel
Geloof me, zelf ben ik óók niet foutenvrij. Mede door mijn Twentse achtergrond maak ik fouten die mensen uit andere delen van het land niet zullen maken. Een van onze “Twentse” fouten is de hardnekkige gewoonte om bij het gebruik van het woord “worden” dit achteraan de zin te plaatsen. Dat hebben we aan onze Duitse buren te danken; die doen dat óók met hun woordje “werden”. Een andere heel traditionele Twentse fout is het gebruik van los (lös) en open. In Twente kan de deur los staan terwijl-ie dan elders gewoon stevig vast staat en open staat.

Daar staat echter tegenover dat wij dankzij het Twents een aantal fouten niet maken. Zo weten wij namelijk feilloos wanneer iets met een “lange” of met een “korte” ij wordt geschreven. Spreek je in het dialect een woord met een ie-klank, zoals “piene”, dan staat vast dat dit in het Nederlands met een lange ij (pijn) wordt geschreven.

En van het verwisselen van de werkwoorden kennen en kunnen en leggen en liggen hebben Twenten ook geen last. Dat blijft voorbehouden aan inwoners van het westelijk deel van Nederland.

De d, de t en de dt
Genoeg over dit soort fouten en vergissingen. Waar het mij om gaat is fouten in het ABN, het Algemeen Beschaafd Nederlands. Daarbij denk ik aan het gebruik van de d, de t en de dt. Daar helpt geen enkele spellingscontrole tegen. Zodoende duikt deze fout maar al te vaak op. Hiernaast staat een advertentie van de firma Intratuin die veel vaker op fouten in het Nederlands wordt betrapt.  Dit is echter een extra schrijnend voorbeeld, omdat “verjaagd” uiteraard met een “t” geschreven moet worden. Als extra bonus geeft Intratuin de lerzer een foute zinsconstructie want  “Kattenschrik verjaagt de katten” of “Kattenschrik jaagt de katten weg” Een combinatie van deze twee kan absoluut niet.

Daarentegen zijn er ook voorbeelden bekend van bedrijven die bewust deze fout maken om daarmee extra aandacht voor hun product of dienst te genereren. Deze advertentie van Unicef maakt bewust een fout in de tekst om daarmee op de taalachterstand van kinderen die niet naar school gaan te wijzen.

Bron afbeelding: Taalvoutjes.

Bron afbeelding: Schrijven on Line.

Als en dan
Een andere klassieker is als en dan. De basisregel is niet heel moeilijk. Als er sprake is van een vergroting of een verkleining moet het woord ‘dan’ worden gebruikt. Bij een vergelijking gebruikt u het woord ‘als’. Deze basisregel had bij het voorbeeld gemakkelijk toegepast kunnen worden. Het moet namelijk zijn: ‘Goedkoper dan op de vrijmarkt!’. Het is immers een verkleining, want een lagere prijs is in dit geval de verkleining.

De Engelse ziekte
Vervolgens een fout die we dankzij het ver-engelsen van onze taal steeds vaker maken: het foutief gebruik van een spatie, of met andere woorden: van iets twee woorden maken terwijl het maar één woord is. Op die manier ontstaan de vreemdste vergissingen. Er is een speciaal platform dat zich met het verzamelen van deze fouten bezighoudt, het platform Signalering Onjuist Spatiegebruik. Uit hun voorraad heb ik een aantal voorbeelden geplukt die deze “Engelse ziekte” passend illustreren.

Jou en Jouw
Genoeg over de Engelse ziekte. Als laatste noem ik jou en jouw. Dat zie ik ook maar al te vaak fout gaan. Voor mij is het duidelijk: jou is een persoonlijk voornaamwoord zoals ik, wij, zij en jouw een bezittelijk voornaamwoord zoals mijn uw haar. Jouw duidt dus altijd bezit aan. Voorbeeld: jouw jas, maar de jas van jou.

Nog even dit over jou: bij een vergrotende trap verandert jou automatisch in jij. Ook hier weer een voorbeeld: ik ben groter dan jij en niet ik ben groter dan jou. Ezelsbruggetje hierbij is maak de zin denkbeeldig af: ik ben groter dan jij (bent). Dan is het volkomen duidelijk.

Slotconclusie
Zoals in het begin van dit BLOG al geschreven, ik ben zelf zeker geen taalvirtuoos maar ik probeer mezelf wel te trainen op goed gebruik van het Nederlands. Toch schrok ik elk jaar weer over het aantal fouten dat ik maakte in “Het Groot Dictee der Nederlandse Taal”. Daar werd ik steeds weer met mijn neus op de harde feiten gedrukt. Maar tot mijn geluk – en van velen met mij – heeft het programma nu opgehouden te bestaan. Daar laat niemand een traan over. Het waren toch steeds de Belgen die met de eer gingen strijken. En daar organiseer je zo’n programma toch niet voor? Zeg nou zelf! Het moet wel leuk blijven.

Voor dit artikel heb ik geput uit artikelen en materiaal van schrijvenonline van Jeroen van der Zwet, Lastdaysofspring van Marlous, afbeeldingenmateriaal van Taalvoutjes.nl en de Facebookpagina van Signalering Onjuist Spatiegebruik.

Bron afbeelding: Schrijven on Line.

Bron afbeelding: Schrijven on Line.

Bron afbeelding: Taalvoutjes.

Bron afbeelding: Taalvoutjes. Prijswinnaar verkiezing 2018.

Leave a comment

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.